De nieuwe regels voor gegevensbescherming: een zegen of grotere drempel voor onderzoek?

Publicatiedatum: 17-01-2018

Eén van de best gelezen artikelen op marketingonline.nl in 2017 was ‘Marketeer, let op je data want dit gaat er allemaal veranderen’. 

Dat dit artikel zoveel gelezen is, lijkt niet onterecht. Er gáát immers nogal wat veranderen: op 25 mei 2018 treedt de Europese Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) in werking – ook wel bekend onder de Engelse benaming General Data Protection Regulation (GDPR). De wet wordt ingevoerd door de Europese Unie en behelst in grote lijnen een verbetering van de privacyrechten van personen en meer verantwoordelijkheden voor organisaties. De AVG heeft impact op nagenoeg iedere organisatie, van basisscholen tot multinationals.

Team Vier deed in opdracht van Microsoft Nederland onderzoek in hoeverre Nederlandse directeuren en IT-managers bekend zijn met de nieuwe wet en hoe zij hiermee omgaan.

Maar welke impact heeft de AVG in de onderzoekbranche? Dat is nog moeilijk te zeggen.

Onderzoeksbureaus zijn van oudsher al gewend zorgvuldig om te gaan met privacy. Er wordt bij marktonderzoek bijvoorbeeld in de regel anoniem gerapporteerd en er wordt zorgvuldig omgegaan met privacygevoelige bestanden. Al kan het natuurlijk altijd nog beter en veiliger. Niet voor niets hebben we onlangs (succesvol!) het proces doorlopen om het certificaat voor ISO-norm 27001 (Managementsystemen voor Informatiebeveiliging) te behalen. Dit certificaat is een mooie aanvulling op de ISO-kwaliteitsnormen over Marketing Research en Access Panels die we al hanteren. Verder werken wij volgens de tien basisprincipes van de Fair Data Privacy Code.

Wat we ook merken is dat het onderwerp ook sterk bij onze klanten leeft. Zo zien we dat onze klanten steeds vaker kritische vragen stellen over privacy en respondenten, zowel bij kwalitatief als kwantitatief onderzoek. Wat ons betreft een positieve ontwikkeling; je kunt nooit te veel doen om de privacy en anonimiteit van deelnemers aan onderzoek te waarborgen! Verder zien we een toename in verwerkersovereenkomsten en een grotere invloed van privacy officers en security officers op de manier waarop we onderzoeken uitvoeren, hetgeen bijvoorbeeld tot extra vragen leidt zoals in welk land onze data wordt opgeslagen (voor de geïnteresseerden: in Nederland).

Overigens merken we ook dat deelnemers aan onderzoek steeds mondiger worden; ze stellen - terecht - vragen zoals “hoe komen jullie aan mijn gegevens en wat doen jullie ermee?”.

Op zich lijkt die grotere aandacht voor privacy alleen maar goed. Het houdt onderzoeksbureaus scherp. En misschien scheidt het ook het kaf van het koren: hoe lang kunnen bureaus onderzoek blijven doen als ze dit niet goed op orde hebben?

De uitdaging voor ons en collega-bureaus is om deelnemers aan onderzoek zo zorgvuldig en volledig mogelijk op de hoogte stellen dat we verantwoord omgaan met hun persoonsgegevens, zonder dat we met deze juridisch getinte informatie juist een drempel opwerpen om mee te doen met onderzoek.

Kortom: het is een goede zaak dat we alert gehouden worden met alle aandacht voor privacy, al wordt het er soms niet gemakkelijker op. Maar onderzoekers houden doorgaans wel van complexe uitdagingen!

Meer blogs

SUZANNE CARON VAN ALLSECUR AAN HET WOORD OVER PR-ONDERZOEKEN
‘BUILDING DISTINCTIVE BRAND ASSETS’
360 Graden feedback als interne aanjager voor externe klanttevredenheid
Onderzoek naar klantontevredenheid levert veel winst in begrip op
NPS: Passives negeren is een groot deel van je klanten negeren
Mathilde Staarman van Centraal Beheer aan het woord over klanttevredenheid
Wat betekent service voor de medewerkers van Team Vier?